22-06-09

Wat is jouw lichaamssamenstelling?

Wat is mijn ideaal gewicht? Hoeveel bedraagt mijn vetpercentage? Is het voor mij haalbaar om in een lagere gewichtsklasse uit te komen?
Dit zijn vaak gestelde vragen door sporters.
Om hierop een gefundeerd antwoord te kunnen geven dient eerst de juiste lichaamssamenstelling te worden bepaald.
Hier een overzicht van de meest gebruikte methoden om de lichaamssamenstelling te bepalen.

Bereken je Body Mass Index (BMI)

De Body Mass Index (of Quetelet Index) is een eenvoudig hulpmiddel om te zien of iemand te dik is in verhouding tot zijn lichaamslengte. Het geeft slechts een schatting van de hoeveelheid lichaamsvet.

De formule om de BMI te berekenen:

 BMI =

gewicht in kg

[lengte in m] x [lengte in m]

De BMI-zones voor volwassenen (tussen 20 en 65 jaar):

 

DIAGNOSE

BMI 
 OndergewichtKleiner dan 18.5 
 Normaal gewichtTussen 18.5 - 24.9 
 OvergewichtTussen 25.0 - 29.9 
 ObesitasBoven 30.0 

 

Zowel bij erg magere (BMI<18,5) als bij erg dikke mensen (BMI>30) stijgt het risico op gezondheidsproblemen (jicht, diabetes, hoge bloeddruk, hart- en vaatziekten, kanker, osteoarthritis, …).

De score geldt zowel voor vrouwen als voor mannen. De berekening is handig voor een eerste ‘screening’, maar heeft zijn beperkingen o.a. omdat geen rekening gehouden wordt met leeftijd en geslacht.

De BMI-schaal is niet van toepassing op kinderen en jongeren (<20 jaar). Tijdens de groeifase verandert namelijk de hoeveelheid vetweefsel. Bovendien is de BMI bij kinderen geslachtsafhankelijk: meisjes hebben gemiddeld een iets hogere BMI dan jongens. Voor de interpretatie van de BMI van kinderen en jongeren van 2 tot 20 jaar maakt men gebruik van geslachtsspecifieke groeicurven.

Twee volwassenen met dezelfde BMI kunnen een verschillend percentage lichaamsvet hebben. Een bodybuilder met een grote spiermassa en een laag vetpercentage kan dezelfde BMI hebben als iemand met meer lichaamsvet, omdat bij de berekening van de BMI alleen met gewicht en lengte rekening wordt gehouden.

 

 

1,90 m

Lengte

1,90 m

100 kg

gewicht

100 kg

27.7

BMI

27.7

Deze mannen hebben dezelfde lichaamslengte, hetzelfde gewicht en dus dezelfde BMI, maar kunnen een verschillend vetpercentage hebben.

Sommige sporters met veel spiermassa lijken volgens hun BMI dus zeer vet, terwijl ze in werkelijkheid misschien nauwelijks vet hebben.
Ook voor atleten voor wie een laag lichaamsgewicht vereist is, zoals balletdansers, jockey’s en turners is de body mass index niet aangepast.

Om je ideaal gewicht te kennen volstaat het je lengte in het kwadraat te vermenigvuldigen met een cijfer tussen 20 en 25.
Voor iemand die 1,68 m groot is, bevindt het ideale gewicht zich tussen 53 kg [(1,68 x 1,68) x 20] en 66 kg [(1,68 x 1,68) x 25].

Gepost in Gezondheid | Commentaren (0) |  Facebook | | |

De commentaren zijn gesloten.